Hoe ziet de Publieke Omroep eruit?

De Nederlandse Publieke Omroep (NPO) bestaat uit drie televisienetten en zeven radiozenders. De televisienetten Nederland 1, 2 en 3 en de radiozenders Radio 1, 2, 3FM, 4, 5, 6, en Radio Nederland Wereldomroep. Daarnaast heeft iedere omroep meerdere websites die het programma-aanbod ondersteunen.

De Publieke Omroep heeft een veelzijdig en breed programma-aanbod voor een divers publiek. Maar ook voor minder grote doelgroepen maakt de Publieke Omroep programma’s. Met nieuws en actualiteiten; onafhankelijk van overheid en commercie en met oog voor het publieke debat, educatie en cultuur. Programma’s die de verscheidenheid van de Nederlandse bevolking weergeven. 

Omroepen
Diverse organisaties vormen samen de Publieke Omroep. De Nederlandse omroepverenigingen zijn uniek in de wereld. AVRO, KRO, EO, TROS, VARA en VPRO hebben een rijke geschiedenis. Ooit waren ze verbonden door een religie of maatschappelijke beweging. Tegenwoordig zijn het professionele omroepen met een eigen identiteit.

De NPS maakt vooral culturele programma’s. De NOS heeft de taak om nieuws, sport en evenementen te brengen. Daarnaast zijn er enkele educatieve omroepinstellingen (Teleac/NOT en RVU), kerkgenootschappen (IKON, RKK, ZVK) en genootschappen op geestelijke grondslag (Human, NMO, OHM). BNN richt zich met name op jongeren en jongvolwassenen. Omroep MAX richt zich op actieve mensen van vijftig jaar en ouder. LLINK besteedt veel aandacht aan maatschappelijke onderwerpen.

Financiering Publieke Omroep
De Publieke Omroep krijgt in tegenstelling tot de commerciële omroepen financiële steun van de overheid. De reclamezendtijd die Ster verkoopt op radio, televisie en internet brengt jaarlijks, na aftrek van de kosten, gemiddeld 200 miljoen op. Met dit geld worden de Publieke Omroepen voor eenderde deel gefinancierd. Het overige deel komt van de overheid.